Voorspoed heeft geen vijfde versnelling nodig

(Column verschenen in Happy Life – april 2017)

Eén letter. Er is maar één letter verschil tussen de woorden geluk en gelul. Duw geluk iets te ver door naar de rand van dit blad en voor je het weet, ben je de essentie kwijt en blijft er alleen nog zever over.

Zo gaat dat ook in het leven buiten deze lijnen. Geluk gedijt het best in de dagelijkse stroom der dingen. Het krijgt vorm tussen ogenschijnlijk zinloze woorden en lege momenten die door hun opeenvolging betekenis krijgen. Geluk valt niet met bakken uit de lucht maar kabbelt ongemerkt verder. Het deint mee op de golven van ons doen en laten, om af en toe eens op te duiken en meteen daarna weer kopje onder te gaan, ergens tussen de ochtendkoffie en de laatavondzoen.

Over geluk moet je dus niet te veel lullen, en je moet het al zeker niet najagen. Een beetje te veel pushen en je bent het kwijt. Eén brug te ver en je geluk glijdt de afgrond in. Dan rest je enkel nog onnozel gegrien en het eeuwige cliché ‘had ik het verdomme maar kalmer aan gedaan’.

Hoe maakbaar men het ook voorstelt en hoe verleidelijk de beloftes van de geluksindustrie ook mogen klinken, voorspoed heeft geen vijfde versnelling nodig. Geen superboostsysteem, geen succesrecepten, geen instantpillen die een polepositie in de race garanderen. Een mens moet in voorspoed geen uitersten opzoeken want de marge is nooit veraf. Op tijd wat gas terugnemen, niet te vaak in de achteruitkijkspiegel kijken en oog hebben voor wat er voorbijkomt: meer heb je niet nodig om te ontdekken dat geluk zich schuilhoudt in de dagelijkse stroom der dingen.

Toen ik met liefdesverdriet en de daarmee samenhangende dikke snottebellen huiswaarts reed en ‘I will survive’ van Gloria Gaynor als een pijl uit de luidsprekers schoot, toen was geluk eventjes heel gewoon. Die keer in de file, toen mijn blaas het bijna begaf maar de knoop net op tijd ontward raakte waardoor ik mijn dringende ding toch nog op een toilet kon doen in plaats van open en bloot in de middenberm, toen voelde ik: wie laatst lacht, heeft daar best veel deugd van. Wanneer ik ’s ochtends het portier van mijn wagen opentrek en de geur van frietjes van de frituur komt aanwaaien, dan moet ik misschien wel slikken maar tegelijk besef ik dat geen vijf sterren dat huiselijke gevoel ooit zullen overtreffen.

Eén letter. Er is maar één letter verschil tussen de woorden geluk en gelul. Daar zijn hier intussen al te veel letters aan vuilgemaakt. Gedaan met lullen, hup, ga leven!

Met de volgende tags: